Bommen op Rotterdam … en nu?

Reacties uitgeschakeld voor Bommen op Rotterdam … en nu?
mei 14th, 2015 Permalink
Grebbeberg Graven van Nederlandse soldaten op de Grebbeberg, een linie die de Nazi’s volgens hun planning in één dag zouden veroveren, maar die uiteindelijk – ondanks Nederlandse politieke tegenwerking – 80 uur stand hield.

 

Vandaag herdenken we de bommen die 75 jaar geleden vielen op het centrum van Rotterdam. Een tragische gebeurtenis die we danken aan politieke naïviteit. Het is zeker belangrijk om stil te staan bij die 57 middelzware Nazi bommenwerpers die de binnenstad met de grond gelijk maakten, maar het is nog relevanter om te kijken of en hoe we dit hadden kunnen voorkomen.

In 1940 nam een slecht bewapend, matig getraind en onderbezet Nederlands leger het op tegen een vijand die met maximale bezieling eerder ‘aangedaan onrecht’ kwam rechtzetten. Ondanks het gebruik van innovatieve tactieken slaagde de tot de tanden toe bewapende Nazi’s er niet in om hun doelen te bereiken. Sterker nog, hun aanval liep op diverse plekken vast. Een handvol Nederlandse mariniers hield tegen een grote overmacht de bruggen bij Rotterdam. Ook de forten op de Afsluitdijk bleken voor de Nazi’s een onneembare vesting. Waar Nederland een veldtocht van één dag had moeten worden, was het na vier dagen strijd een bloedbad. Gevoed door alle tegenslagen besloten de Nazi’s onder druk van stevige deadlines het verzet te breken door steden plat te gooien.

De slechte situatie hadden we indertijd te danken aan politieke naïviteit (wellicht ingegeven door advies van ex-SS’er Prinz Bernard). Duitsland zou ons niet aanvallen. Duidelijke signalen werden genegeerd. Toen de bestuurders wakker werden en we gingen bewapenen, stonden we bij wapenfabrikanten, zelfs onze eigen Fokker, achteraan in de rij. En dus gingen we een oorlog in met geweren uit 1890, nog oudere kanonnen en munitie voor 4-5 dagen strijd. We hadden een handvol verouderde pantserwagens, een kleine (en verouderde) luchtmacht en een marine die kampte met achterstallig onderhoud. Onze verdedigingslinies waren niet af, omdat de politiek weigerde kap- en snoeivergunningen af te geven. En om het bevriende staatshoofd niet tegen het hoofd te stoten waren verdedigingslinies tot 5 dagen voor de inval gewoon openbaar toegankelijk. Hordes Duitse officieren namen eind april 1940 daarom hun vrouw of verloofde mee op een verkenningsuitje naar Nederland. Verder vertrouwden we op toegezegde ondersteuning van Frankrijk en Engeland, die in de praktijk beperkt bleef tot Fransen bij Breda en de inzet van Engelse commando’s die net voor de overgave wat installaties opbliezen om te voorkomen dat ze in Duitse handen vielen. Van de toegezegde munitieleveringen kwam niets terecht, dus waren de pakhuizen na vier dagen leeg. Een overgave was onvermijdelijk.

Had dat bombardement voorkomen kunnen worden? Wellicht. We hadden ons natuurlijk eerder over kunnen geven, zoals de staats-TV meldt. We  hadden ook de signalen serieus kunnen nemen en het leger vervolgens zo uitrusten dat het haar werk had kunnen doen. Daarmee hadden we de zo gewenste neutraliteit wellicht af kunnen dwingen.

En nu? Ondanks duidelijke signalen dat de veiligheid in de wereld onder druk staat, kleden we het leger uit. Waar Finland, Polen en de Baltische Staten zich bewapenen tegen mogelijke Russische agressie, halveren wij de luchtmacht en hebben we de tanks afgeschaft. We hebben voorraden om maximaal 2-3 dagen overeind te blijven en de marine kampt met achterstallig onderhoud. Onderbezetting raakt nagenoeg alle eenheden en het leger opereert op zijn tandvlees om internationale afspraken na te komen.

Het is niet te hopen dat we in de toekomst nieuwe massavernietiging in Nederland moeten herdenken. Maar als dat zo is, dan staan de politici vooraan. Strak in het pak, spreken ze ook dan – met verse boter op het hoofd – stoere woorden over ‘vreselijke dingen’ die ‘ten koste van alles’ voorkomen moeten worden.

Vandaag doen ze dat on getwijfeld in Rotterdam. Laten we hopen dat die bestuurders zich voor eenmaal conformeren aan het credo dat die stad heeft gemaakt tot wat het vandaag is: geen woorden, maar daden.

Comments are closed.