Gevangenisromantiek

augustus 30th, 2009 Permalink

Ze hebben doorgaans niet meer dan een paar honderd vaste inwoners. In de zomer groeit dat aantal met enige duizenden, wanneer stedelingen tussen mei en november de drukte ontvluchten en hun pittoreske buitenverblijf opzoeken. Ik heb het over de kleine dorpjes gelegen in de bossen op de tong van Karelië, te vinden tussen Vyborg en Sint Petersburg, op loopafstand van de stranden van de Finse Golf en omringd door talloze kleine meertjes.

Nog niet zo heel lang geleden maakte het gebied deel uit van Finland, maar sinds de tweede wereldoorlog is het onderdeel van eerst de USSR en nu de Russische Federatie. Logisch, aldus de Rus, want reeds ver voor de verovering verkochten de Finnen de grond al aan bemiddelde inwoners van Sint Petersburg die diep in de buidel wensten te tasten voor een rustiek houten buitenhuis in klassiek Finse stijl.

karlie-470

Initieel was dat het Russische intellect. Dichters en schrijvers trokken en masse naar de regenachtige met dikke bedden mos bekleedde Finse bossen en nog altijd is het Huis van de Creativiteit van het Russisch literaire genootschap er gevestigd. In verband met achterstallig onderhoud heeft het twee jaar geleden de deuren moeten sluiten, maar de spechten wonen er nog altijd.

In de jaren ’20 en ’30 waren het partijbonsen die hun heil zochten in de regio. Op riante percelen bouwden ze hun buitenverblijven, bekend als datja’s. Dan hebben we het natuurlijk niet over kleine ruwe blokhutten die we anno 2009 in Nederland aanduiden met ‘Fins’, maar over fragiel aandoende zeer riante houten woningen, twee soms wel drie niveaus hoog, met heel veel glas. Een serre op elke verdieping, rondom balkons en afgemaakt met houtsierwerk en rustieke portiekjes. De Communistische elite had rust nodig, maar wel in alle luxe.

Na de oorlog was het de beurt aan de Russische Intelligentie, zoals de uitvinders van de Sputnik. Diep in de bossen mochten ze hun datja’s bouwen. Wel met respect, want er mocht geen boom worden omgehakt. Ook de Finse stijl werd gehandhaafd. Fragiele houten huizen in zachte pasteltinten, met houtkachels en prachtig gedecoreerde ramen verrezen tussen de hoge bomen. Men plaatste bijpassende schuren en waterputten op een zandbodem bezaaid met bosbessen. Lage schuttingen gemaakt van fragiele latten zorgden voor een nagenoeg onzichtbare omheining die elanden buiten moest houden. Zo rustiek, je zou bijna vergeten dat er een koude oorlog woedde.

karlie-471
In de jaren ’70 dommelde het sprookjesbos in een diepe winterslaap. Onaangeroerd overleefde het Brezjnef, Andropov en Tjsernenko. Het sliep door Gorbatjov’s Perstroika heen en overleefde aansluitend Jeltsin met zijn grappen, grollen en talloze opstanden. De vaste en zomerse bewoners genoten van hun rust, de gewoonten en traditie. Op hun gemak verfden ze hun Datja’s, repareerden ze de metalen daken en bouwden ze nieuwe waterputten. Sommige huizen werden verlaten en vervielen, andere brandden af. Een enkeling werd opgeknapt. Echt veel veranderde er niet.

Na Jeltsin kwam de kentering. De Rus mocht plotseling geld verdienen. Initieel waren het stadsbestuurders die zich links en rechts lieten verrijken door sluwe handelaars en aannemers. Wij zouden het corruptie noemen, maar dat zien ze daar anders. Een reeks privatiseringen creëerde vervolgens de ‘nieuwe’ Rus. Je kent ze wel. Types met ‘afwijkende’ smaak, die voor de hobby een voetbalclub in Engeland kopen en de grootste lol hebben wanneer ze hun Porsche Panamera kort rijden op een hoge stoeprand in de stad. Zij hebben het sprookjesbos ontdekt.

Rustieke stranden worden ‘opgesierd’ met feestpaleizen en op oude percelen worden de prachtige Finse huizen vervangen door lelijke stenen nieuwbouw met kleine ramen, afgewerkt met tralies en omringd door massieve schuttingen van tenminste drie meter hoog. Geen boom blijft overeind. Diepe littekens – veroorzaakt door de aanleg van gasleidingen, glasvezel en riolering – tekenen het bos. Rustieke weggetjes en paadjes zijn geasfalteerd, handgeschilderde straatnaambordjes zijn verwijderd en elanden zijn in geen velden of wegen meer te bekennen. De oorspronkelijke bewoner moet niets hebben van deze Gevangenisromantiek en verlangt intens terug naar het Sovjet beleid gericht op het handhaven van de Finse traditie.